Awwwards Smart Industry

Een strategische voedingsbodem voor de inzet van Data Platform Thinking

PLATFORM THINKING: EEN STRATEGISCHE VOEDINGSBODEM VOOR DE INZET VAN DATA

Wij komen ze nog veel tegen: organisaties waar data nog steeds niet als strategische stroom binnen het bedrijf wordt gezien. IT valt onder de ‘Finance & Control’, applicatiebeheer ligt bij een beheerder die meer aan het bellen is dan de receptioniste en het contact met de diverse softwareleveranciers verloopt decentraal via diverse key-users. Ondanks het hoogtij dat ‘Smart Industry’ viert, lijkt het credo binnen deze organisaties nog steeds: “Het draait, dus ’t zal wel goed wezen…” Een riskante houding, zowel door de valkuilen die het met zich meebrengt als door de kansen die het laat liggen. In deze blog leggen we uit hoe platform thinking je organisatie kan helpen deze valkuilen te mijden en kansen te pakken.

De term ‘platform’ thinking zegt het eigenlijk al. Alle data verloopt via één centraal proces; één platform, als het ware. Zie het als een brede vierbaans snelweg waar de data zich als verkeer overheen bewegen. Initieel verloopt alle verkeer via deze snelweg; alle data ‘rijdt’ daar continu op rond. Aan deze snelweg zitten de oplossingen binnen het datamodel gekoppeld via een afslag. De afslag is heel eenvoudig. Door het bepalen van de regels op de snelweg en de afslag weet de data precies waar het een afslag moet nemen en wat het binnen de oplossing moet doen. Wanneer de verkeersregels vereisen dat er met dezelfde data handelingen in meerdere apps nodig zijn, dan gaat dat weer via de snelweg. De data wordt zo als een vrachtwagenchauffeur die meerdere klanten op één dag bezoekt en dezelfde snelweg als centrum van zijn route neemt.

Een platform stelt organisaties in staat om data/IT vanuit een strategisch perspectief te benaderen. Organisaties kunnen nu eerst nadenken over wat ze verwachten van een nieuwe oplossing en welke waarde deze oplossing dient toe te voegen om vervolgens een oplossing te zoeken die precies datgene doet. Zo kunnen alle oplossingen binnen het landschap volledig worden teruggeschaald tot datgene dat de organisatie ervan verwacht en niets meer/minder dan dat. Organisaties zijn niet langer afhankelijk van wat één leverancier wel/niet kan leveren of koppelen en kunnen zelf de regie over hun datalandschap nemen.

Die manier van redeneren klinkt heel logisch, maar is niet hoe veel organisaties anno 2019 nog steeds werken. Veel data sluipt nog rond in de spelonken van onoverzichtelijke point-to-point gekoppelde omgevingen. Deze spinnenwebben zijn door de loop der jaren ware nachtmerries geworden voor menig beheerder. Het kost bakken met geld in termen van beheer, maar ook doublures. Vaak draaien er binnen dergelijke omgevingen meerdere oplossingen die in meer of mindere mate eenzelfde functie kunnen uitvoeren. Om nog maar te zwijgen van de gevoeligheid voor een vendor lock-in die deze omgeving vaak tot stand heeft gebracht. Applicaties die niet tot nauwelijks met oplossingen van derden willen communiceren en daardoor fantastische kansen met data verloren laten gaan. Maar, helaas, een organisatie volledig afhankelijk is van een of meerdere leveranciers, zijn de ‘datakansen’ beperkt tot zover de belangen van de leverancier dat toestaan.

In de 21e eeuw is dat wat betreft data een onacceptabele situatie. Data dient een strategische stroming te zijn binnen de organisatie welke maar één belang dient: dat van de organisatie. Stelt u zich voor dat uw boekhouder u willens en wetens beperkt in het dirigeren van uw cash-flow. Accepteert u dat klakkeloos?

Al met al maken de traditionele datamodellen dat innovaties op basis van data niet strategisch benaderd kunnen worden. Immers, zonder structuur in de data of met beperkingen in de inzet van data wordt het lastig om volledig vanuit het lange termijn belang van de organisatie te beredderen. Door de data centraal in te regelen bannen organisaties dergelijke valkuilen uit. Men weet precies wat het aan de data heeft, hoe het zich beweegt en wordt niet beperkt in de manier waarop data innovaties kan voeden.

Ondanks het hoogtij van ‘Smart Industry’ is er nog flink wat werk aan de winkel in de basis.

Heeft u vragen of opmerkingen? Neem vrijblijvend contact op met onze deskundigen.

Neem contact met ons op